Hoop doet …

Vandaag markeert 8 maanden sinds het afscheid van zijn fysieke aanwezigheid zoals de begrafenisondernemer het zo gepast verwoordde. Tweehonderd en tweeënveertig dagen waarbij de eerste gedachte ’s ochtends is “Was het geen droom?” en de laatste ’s avonds “Ik hoop dat ik hem vannacht zie in mijn droom.”

Nietzsche had over veel dingen wat te zeggen maar vooral zijn uitspraak over hoop zat er naar mijn gevoel pal op “De hoop is het kwaadste der kwaadst, omdat zij de marteling verlengt“. Want ondanks een perfect rationele bevatting van de realiteit is hoop nu de brandstof die de motor probeert draaiende te houden. Hoop op waarheid in de woorden ‘Hij is op een betere plaats’, hoop op het bestaan van een andere realiteit die we nu nog niet kennen, hoop op een weerzien, hoop op een teken dat aangeeft dat dit niet voor altijd moet zijn…

Vóór het afscheid stond ons leven ook al lang in teken van hoop. Hoop op genezing en een ‘normaal’ leven. Die hoop was een duurzame, hernieuwbare brandstof die bij een dreigend tekort automatisch werd aangevuld door een knuffel, een dansje of een schaterlach van de twee gladiatoren in ons huis, die ieder op hun manier streden tegen het monster. De ene door onverschrokken elke medische of fysieke uitdaging aan te gaan, de andere door op mature en geduldige wijze te accepteren dat zijn noden vaker wel dan niet op de tweede plaats kwamen.

De hoop na het afscheid is een schaars goedje, een brandstof die enkel gevonden kan worden tijdens een voortdurende zoektocht naar nieuwe bronnen en waarbij het ontginnen vaak meer energie vraagt dan het oplevert. Af en toe passeren we een bron met een grote voorraad en leunen we uitgeput achterover, blij dat we nu weer even verder kunnen. Maar elke keer opnieuw stranden we onvoorzien langs de kant van de weg met een lege tank. Ook de hernieuwing laat het afweten, knuffels bieden louter nog troost en schaterlachen is er voorlopig niet meer bij.

Maar toch, ondanks alle sputteringen van die afgepeigerde motor leren we zuinig te zijn in deze tijd van schaarste en aanvaarden we dat er momenten zijn waarop we niet vooruit komen. Dus lassen we meer pauzes in dan vroeger en zoeken we alternatieven die waarschijnlijk niet zo efficiënt zijn maar die ons op een of andere manier ook vooruit brengen. En tijdens de hobbelige rit proberen we, ondanks alles, dankbaar te zijn voor het feit dat we hebben mogen leren van de beste dat achteruit rijden nooit een optie is…

2 thoughts on “Hoop doet …

  1. Tanja C. says:

    Als onze gedachten aan jullie ook maar een héé klein beetje energie konden geven om de dag door te komen… zodat die goed geoliede machine toch maar draaiende blijft. Het moet vreselijk zijn om iedere dag wakker te worden en de kracht te vinden om op te staan. Ik heb een enorm groot respect voor de manier hoe jullie vechten om van iedere dag het beste te maken. Om stil van te worden…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *